Overstuur.

Oh, had ik al verteld van die keer dat ik mijn dochter helegans mismeesterd had? Neen zekers.
Wel, het was afgelopen zaterdag en vriendin A. was jarig. Die gelegenheid werd als excuus gebruikt voor een klein feestje met als ingrediënten: de meest legendarische picnic-tafel van Gent, een paar flessen bubbels, chocoladecake en een paar maten. Buiten in het park dus, en op een avond dat lief optreden was.

Omstreeks acht uur was de baby een contente baby: gevoederd, verversd en wat aan het spartelen in de zetel. Zoals kinderen van net drie weken dat plachten te doen op hun beste momenten, jawel.
Overmoedig als ik ben dacht ik toen dat het een goed idee was om het kind mee te tronen naar het park (op vijf minuten wandelen van ons huis) en even dag te zeggen op het feestje. Boy, was I wrong.

Ik overwoog de draagdoek maar besloot dan toch voor de koets te gaan, wegens een beetje last in mijn rug. Mira een vestje aangedaan, mutsje, dekentje erover en in de wieg. Nog steeds tevreden baby. Wandelen. Nog steeds tevreden baby. Aankomen aan de picnictafel en hopla: spontane huilbui. Geen erg, dacht ik, het gaat wel over. Een beetje gesust, toen het niet overging nog een rondje gewandeld en haar daarna even opgepakt. Geen resultaat. Integendeel: de huilbui werd steeds erger.

En zo was ik een half uur nadat ik de deur achter me had dichtgetrokken met een tevreden dochter terug thuis, deze keer met een uiterst ontevreden dochter, die de hele weg naar huis gekrijst had alsof ze zwaar mishandeld werd. Terwijl er toch alleen sprake was van liggen in de knusse zachte wieg. Ik weet niet wat het precies gedaan heeft: misschien was het te koud. Of te warm. Of te donker en onbekend en met stemmen die ze niet herkende. Of was de geur van de bbq vlakbij er teveel aan: wie zal het zeggen.

Alleszins: de rest van de zaterdagavond heb ik gespendeerd met het huilende kindje troosten, terwijl zij op haar kussen lag en ik bij haar. Ze was kalmer thuis, maar ze keek nogal “ja, ik weet het we zijn thuis en alles is ok nu, maar ik ben overstuur, dus het komt niet direct goed, en het is uw schuld, moedervrouw”. Om elf uur heb ik haar dan eten gegeven en daarna is ze als een blok in slaap gevallen.

Zow. Dat was interessant. Ik kijk al uit naar onze volgende avonduitstap.

10 thoughts on “Overstuur.

  1. Overprikkeld misschien?
    (Hier waren week 3 tot week 6 de ergste qua wenen om onverklaarbare redenen, maar ‘t gaat dus over hoor!)

  2. Wacht maar. Voor dat ge’t weet komt ge na zo’n uitstap-met-non-stop-bleiting thuis, neemt ge dat kind uit de pousette, en blijkt er ergens een stuk bil in een drukknop te zitten, of een voet tussen één ijzeren stang en een andere.

    Niet dat dat ons ooit overkomen is hoor.

  3. Zo zijn al onze uitstapjes tot nu toe (Jitse is 5 weken) al verlopen. Zelfs een keer, toen we op bezoek waren bij mijn ouders, in de auto moeten gaan rondrijden om haar te doen stoppen met krijsen. Het probleem is telkens hetzelfde; overprikkeld, oververmoeid en niet willen slapen.

  4. Bevallingen van 57 uur, in het rondpissende poezen, onophoudelijk huilende baby’s… Ik denk dat ik nog even ga wachten met kindjes.

  5. Wat je nu vooral NIET moet doen, is binnenblijven. Je hebt inderdaad babietjes die sneller overprikkeld geraken dan andere. Maar volgens mij ga je dat nog stimuleren door haar niet meer bloot te stellen aan prikkels. Misschien kan je in het vervolg altijd de draagdoek meenemen, voor noodgevallen? En een doek over haar wiegje (cfr. parkieten die niet willen zwijgen) wil ook al wel eens helpen. En de borst erin hé. Dat helpt (bijna) altijd. En als ze zo kleintjes zijn ga je haar daarmee niet verwennen hoor.

  6. Troost je, je bent niet de enige overmoedige jonge moeder. Vorig jaar vond ik het een goed idee om ons drie weken oude ventje mee te nemen naar Bataclan. Waar hij eveneens een huilbui van jewelste kreeg. En de mensen maar kijken en denken: “Wat doét die toch met dat kindje?”

  7. errug herkenbaar! ik ben blijven doorbijten (ook uit noodzaak want ik sta er alleen voor) en dat heeft toch zijn vruchten afgeworpen. Bij mijn zoontje waren het vooral teveel prikkels heb ik de indruk.
    maar ik zal nooit die superstressmomenten vergeten en de mantra (vooral voor mezelf); ‘rustig, we zijn bijna thuis’.

  8. draagdoek meenemen en als iedereen^op het terras naar u begint te kijken alsof je de kleine mishandelt omdat je er mee in een warme wieg, goed aangekleed, met tutje in de mond op stap bent, de kleine in de draagdoek steken. Dubbel succes: de kleine stopt met wenen en slaapt in, en iedereen kijkt opeens vertederd naar jou. Alleen lastig als je net een pasta bestelt hebt met een te lopende saus en je dat bij elke hap over de kleine in de draagdoek moet lepelen.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *