Kerygma

Alles van waarde is weerloos

Met garnalen.

16 November 2009 over what's cooking?

De reclameregie stuurde een tijdje geleden de vraag of ik iets wilde doen met noordzeegarnalen. Kokeneten spelen, en dan misschien een weekend op de waddeneilanden winnen.
Mijn soort actie, dus: ge moogt prutsen met eten, en misschien moogt ge ook nog eens op reis. Wahey. Ik begon na te denken en kwam tot de conclusie dat ik iets jongemoeder-proof wilde maken: gezond (veel groenten dus), klaar te maken in minder dan een half uur en van tevoren klaar te zetten, zodat het maar in de oven moet vlak voor het eten.
Het werd: lasagne met witloof en noordzeegarnalen. (Lees meer …)





Meter.

15 November 2009 over coo-hool

Ik word meter, zeg. Van de kleine Jip, die ergens tussen januari en februari verwacht wordt.
En blij dat ik ben. Want ik heb zelf geen broers of zussen, en bijna al mijn goede vrienden en vriendinnen hebben zelf een hele rits zusjes. Dus ging ik er eigenlijk van uit dat ik pas meter zou worden van één van de kinderen van mijn kinderen.
Maar neen dus! Sinds gisteren kan ik mij mentaal, fysiek en materieel voorbereiden op de komst van Jip. Want een meter, dat dient om een kind te verwennen: met veel aandacht, veel logeerpartijtjes en een massa cadeautjes.
En ik mag een naam kiezen ook. Hoe cool is dat niet zeg.





Ik ben wel stil en voorzichtig, natuurlijk.

13 November 2009 over mira

Als wij ‘s avonds gaan slapen, dan moet ik altijd nog eens langs Mira’s kamer. Dat is best spannend: de plankenvloer in de gang voor haar deur kraakt heel luid, en in de stille nacht klinkt dat als een boom die omvalt in een doodstil bos. Het is niet zo, ik weet dat wel, maar de schrik om de baby wakker te maken zorgt ervoor dat alles harder lijkt.

Ik ga dan haar kamer binnen en kijk naar haar. Ze ligt in haar bedje, de armen uitgestrekt naast haar hoofd en dat is zo’n mooi beeld, ge hebt daar geen gedacht van. Ik froemel dan even aan het deken en stop haar nog eens in.

Het vreemdste is echter dat ik haar absoluut moet aanraken. Bij voorkeur zachtjes op haar hoofd, maar minstens even aan haar handje. Ik weet dat als ze licht slaapt, ze zou kunnen wakker worden, maar ik kan het toch niet laten. Ik maak mezelf wijs dat ik moet voelen of ze het wel warm genoeg heeft. Maar eigenlijk is dat maar een uitvlucht. Ik moet gewoon haar huid nog eens aanraken, anders slaap ik niet.





Totale overgave.

12 November 2009 over mira

De nuttigste raad die ik tot nu toe heb gekregen in verband met kinders is die van totale overgave. Go with the flow, en haal op tijd en stond eens uw schouders op. Leg er u bij neer dat de dingen niet meer lopen zoals ge het gedacht had, en maak er u niet druk over.
Voorbeeld?
De baby heeft de laatste dagen weer ritme: ze eet om 5h, om 9h, om 12h, om half 5 en om 20h. Fantastisch, dat ritme, want dan kunt ge dus al eens dingen plannen. Zo had ik al even zin om uitgebreid te koken, en ik had Jamie Oliver leutige dingen zien doen op de lichtbak met hamburgers. Gisteren dus: kookdag.

De hele voormiddag in de weer: patatjes klaarmaken, kruidenzout maken, zelf hamburgers maken, vinaigrette draaien en dingen klaarzetten voor de salade. ‘s Avonds was lief dan thuis, hij gaf de baby eten en ik begon alles af te werken: patatjes in de oven, hamburgers bakken, vinaigrette bij de salade, broodjes toasten. Het liep perfect.
En toen kreeg Mira het in haar kleine schattige hoofd dat ze niet wilde drinken. Een beetje krijsen leek een betere optie.
Een dik uur later, waarin er getroost, rondgelopen en gesust werd, besloot ze toch te drinken. En daarna te slapen. Maar tegen dan waren mijn hamburgers droog, de patatjes uit de oven slap in plaats van knisperend, de salade verlept van de vinaigrette die er al te lang opzat en de broodjes een beetje te hard getoast.

Op zo’n moment kan ik nog altijd een beetje moedeloos worden. Het gevoel dat ge niks meer kunt doen zoals ge het wilt, als de baby beslist dat het even anders zal lopen.
Het goede nieuws is dat ik geen urenlange huilbui heb gekregen, deze keer. De totale overgave went. Het slechte nieuws is dat ik wijselijk heb besloten het uitgebreide koken te houden voor als ze tien is ofzo.





Reden om iPhone te kopen, 312.

11 November 2009 over coo-hool

via Ramon.





Kook.

10 November 2009 over lichtbak,what's cooking?

Elke dag, rond vijf uur, is er op de lichtbak een Brits kookprogramma, wist u dat? Chefs die rondreizen bijvoorbeeld en dan eten maken van dat land. De laatste dagen was het Gary Rhodes in India. En vanaf morgen “James Martin’s Favourite Feasts”, en daar gaan ze feesteten maken.
Ik kijk daar alle dagen naar. Dat mag, want Mira drinkt melk rond dat uur en zo leer ik ook nog iets bij. En ik voel mij dan altijd gepriviligeerd: alleen de gepensioneerden en ik hebben daar tijd voor, rond dat uur.

Zeg nu zelf, Lilith, dat is toch een schone reden om uzelf ook een baby en een moederschapsverlof aan te schaffen?





Attention span of a goldfish.

9 November 2009 over leven

Ik heb een hele kast vol scrapgrief. Ooit eens gekocht in een aanval van koopwoede en met een lijf dat te zwanger was om iets deftigs om te draperen. Scrapgrief dus: dat kost ook veel geld, het zijn schone kleurkes en ge moet niet in de spiegel kijken.
Nooit gebruikt, die hele stapel, tot vandaag. Vandaag had namelijk ik goede voornemens: ik ging eens aan Mira haar album beginnen. Want ik kan ook creatief zijn, denk ik dan. Ondanks alles wat ze over mij zeggen.

Who am i kidding, denk ik een dag later. Nadat mijn eerste scrappagina-project onderbroken is door veel babygedoe, maar vooral: een half uur bellen met S., een half uur met Meester VE, nog wat met mijn moeder, twee afleveringen van house, zoeken naar ingrediënten voor paella en een paar mailkes.

De letterkes plakken nog altijd niet op het papier, maar ik heb ze wel al uitgeknipt. Ik vond het een heel gedoe. En ik heb het nu al wel gehad met dat scrappen, eigenlijk. Zal ik nog eens proberen sporten, misschien?





Newsletter – maand 3.

7 November 2009 over mira

Lieve Mira

Je bent drie maand vandaag, en in theorie ben je al een jaar oud. Negen maand daarvan in mijn buik, drie maand erbuiten. Ik weet niet waar de dagen naartoe zijn, en tegelijk lijkt het alsof je er al mijn hele leven bent. En eigenlijk is dat wel zo, want een meisje heeft al haar eicellen al bij de geboorte. Ergens in jou zitten mijn kleinkinderen al te wachten, zeg. Ha!

Als ik aan de afgelopen maand denk, moet ik zoeken naar woorden om dit zo proper mogelijk te zeggen. Laat ik het houden op: we’ve been better. Dat zit zo. Vier weken geleden kreeg jij je eerste spuitjes en je was daar behoorlijk door van de kaart. Je had koorts, huilde veel en je sliep opeens heel onrustig. Na een kleine week was het beter, maar twee dagen later werd het winteruur. Opeens was je opnieuw midden in de nacht wakker. Na een kleine week was het beter, maar twee dagen later werd je ziek. Je had koorts, sliep onrustig en wilde elke nacht een paar keer drinken. Na een dikke week was je beter, maar twee dagen later deed je plots een aanval van gulzigheid, waar je nu nog middenin zit. Je slaapt onrustig, en je wordt elke nacht weer een paar keer wakker. Na vier weken gebroken nachten en veel gehuil snak ik naar rust. Veel rust.

Het vreemde aan dat verlangen naar slaap en rust, en van dat gekraakte gevoel dat door mijn hele lijf woedt, is dat ik het elke dag opnieuw een paar keer gewoon vergeet. Als je enthousiast naar me ligt te roepen, bijvoorbeeld. Of als je zodanig trappelt met je voeten als ik tegen je praat dat ik vrees dat je benen los gaan komen en opeens aan de andere kant van de kamer gaan belanden. Of als je giert van het lachen om iets wat ik doe. Ik leef voor die momenten, de laatste dagen. Het is wat me op de been houdt.

Terwijl ik dit schrijf kijk ik naar je. Je staat aan mijn voeten, in je wipper en doet een tukje. Ik beweeg ondertussen mijn been op je wipper te laten –euhm– wippen. Dat heb je graag. Als ik naar je kijk valt het me op hoe gigantisch groot je al bent. Je kan goed groeien, kind, en dat is niet het enige. Je kan goed laten merken wat je graag wilt, je kan goed lachen, je kan goed je hele park rondkruipen, je kan goed rollen en je kan goed enthousiast zijn. Je kan ook heel goed mijn hart een seconde laten stilstaan als je zo hard krijst dat je vergeet te ademen. En je kan nog veel beter dat hart doen overslaan als je me kusjes toewerpt van de andere kant van de living, gewoon om aandacht te trekken.

Soms ben je er even niet, want je gaat nu af en toe uit logeren (twee keer al! twee!). Dat moet zo nu en dan, want ik ben niet zo goed in dat thuiszitten en jij hoort nog niet op café. Dan gaan je vader en ik op stap, zonder jou, en jij gaat naar je grootouders. Maar ik blijk daar zowaar ook niet goed meer in te zijn, in dat zonder jou ergens zijn: ik denk de hele tijd aan je, en als ik thuiskom dan voelt ons huis niet meer als thuis, gewoon omdat jij er niet bent. Ik neem dan een T-shirt van je mee naar bed, voor onder mijn hoofdkussen. En voor tegen mijn neus, als ik in paniek wakkerword van al dat missen.

Hoe je ruikt, dat is hetgeen me het meest kan ontroeren. Als je gegeten hebt, dan zit je altijd rechtop, op mijn schoot. Je rug tegen mijn buik, we wachten dan samen op je boertje. Als je daar zo zit en ik buig mijn hoofd een klein beetje naar voor, dan kan ik mijn neus begraven in je haren. De huid van mijn gezicht tegen jouw zachte hoofd. Dat is het heerlijkste gevoel dat ik ken, en de fijnste geur die ik ooit heb geroken.

Tot slot nog één ding. Je moet kleren aan. Sejieus. Ik had gedacht dat je dat na drie maand ondertussen zou doorhebben dat ik daar echt wel op sta. En dat ik niet ga toegeven. Dus dat hysterisch worden elke keer als ik je een body, trui, jas of godbewaarons een muts probeer aan te doen: het gaat niet helpen en het is verloren energie. Ik ben groter, sterker, ik kan wel al knopjes dichtdoen en mijn eigen haar kammen. Voorlopig doen we het dus zoals ik het wil, en dat is dus met kleertjes aan. Maar nu alvast een belofte: als ik later oud ben, en ik kan zelf mijn jas niet meer aandoen en jij wilt me helpen, dan krijs ik de hele serviceflat bij elkaar. Het is maar dat je’t weet.

dikke zoen,

je mama

Maand 1
Maand 2





Hallo? Lazyweb?

5 November 2009 over what's cooking?

Dus. Ik heb hier een ferme zak peren staan, versgeplukt door mijn buurman in de stadse boomgaarden. Maar wat zal ik ermee maken, dat is de vraag. Gelei, is dat moeilijk? En zo tarte tatin, hoe begint ge daaraan? Of weet er nog iemand iets anders?





Milieu, allemaal goed en wel é.

3 November 2009 over leven

Ik heb een droogkast gekocht, vandaag. Shame on me: zo mijn milieuprincipes verloochenen. Was, dat droogt ge aan de lucht, zo is al jaren mijn devies. Ik hef daarbij belerend een vinger op en kijk berispend naar mensen die een droogkas hebben “omdat uw handdoeken dan vele zachter zijn”.

Tot het kind een week diarree heeft, het buiten regent en ge de gewassen bodykes niet meer droogkrijgt tegen dat ze ze weer moet aandoen. Dan moet het milieu een beetje wijken: een baby met kleren is zeer aan te raden in de winter. Kind en Gezin zegt dat ook.

Een droogkast, dus. Wel een A-label, de A van anti-schuldgevoelens, in dit geval.





« Vorige Pagina