Kerygma

Alles van waarde is weerloos

Kruipt keer wat vroeger in uw bedde. Ge zult dan misschien zo ambetant niet zijn.

22 February 2010 over vergeten

Iewoew. Vers uit bed deze ochtend en nog maar een halve kop koffie gedronken, en ik had mijn eerste ergernis van de dag al te pakken. Een klein artikeltje in de gazet over De Kinderpuzzel op Eén was daar de aanleiding toe. De titel was namelijk “Goed maar niet goed genoeg” en in het artikel kwam het er eigenlijk op neer dat Bart De Pauw, nu hij een programma maakte voor een andere baas dan gewoonlijk, op zijn minst genialiteit had moeten afleveren. En. Het. Was. Alleen. Maar. Goed.

Kijk, ik voel daar dus spontaan een interne scheldtirade van jewelste door opwellen, door zo’n vuile artikelkes. Die mens heeft de moed gehad om eens iets anders te gaan doen. Die mens maakt een televisieprogramma waarvan de eerste aflevering duidelijk vooral het voorstellen en plaatsen van de personages is. En toch is het ozo noodzakelijk al meteen een label op te kleven “het is toch geen nieuwe Mol, hoor”. En “het is ook niet vernieuwend”. Vernieuwend, amehoela, denk ik dan. En ook wel: oh, boehoe, gaat ergens anders bleiten.

Bart de Pauw heeft dat wat mij betreft deftig gedaan: een ontspannend zondagavondprogramma, met een aantal leuke vondsten en het genot van zijn grappig manspersoon als presentator (het einde met de twee kindjes achter de deur, daar heb ik bijzonder hard om gelachen, bijvoorbeeld): meer hoeft het voor mij niet te zijn.

Kijk zie. Een weblog. Een mening. En het vaste voornemen dringend een keer vroeger te gaan slapen, zodat ik mij minder druk maak in dergelijke pietluttigheden.





Ziet jong.

16 February 2010 over vergeten

Hoe klein, ons Sien.

Zotjes.





Newsletter – maand 5

7 January 2010 over vergeten

Lieve Mira

als je ’s avonds je laatste fles drinkt, dan val je tegen het eind vaak in slaap. Ik draag je dan voorzichtig naar boven, trek je slaapzakje aan en stop je in. En vervolgens hol ik naar beneden, want het is al laat en dan heb ik honger als een leeuw. Vanavond niet echter. Je was een hele dag in de crèche geweest, en toen je in mijn armen in slaap viel, kreeg ik het niet over mijn hart om je al naar bed te brengen. Je hebt nog een uur op mijn schoot gelegen, slapend, terwijl ik naar je keek.

Wat ben je mooi, lieve schat. En wat mis ik je, nu je drie dagen per week wegbent. Begrijp me niet verkeerd: ik geniet van het opnieuw werken, van opnieuw die andere rollen — buiten mama van — op te nemen. Maar wat mis ik je. Ik denk zo’n honderd keer per uur aan je, vraag me voortdurend af hoe het met je gaat, en moet mezelf bedwingen om niet naar Saskia te bellen. Ik doe het niet, want ik ben flink. Maar alleen omdat jij zo flink bent.
In je schrift staat ’s avonds dan geschreven wat je hebt gegeten (sperzieboontjes! fruitpap met meloen!) en wat je hebt gedaan. Ik moet altijd lachen als ik lees dat je veel gespeeld hebt. En tegelijk steekt het, dat ik er niet bij was.

Hoewel het leven nu drukker is, en hectisch, valt het me op hoe alles zoveel ontspannender is geworden. Ik ken je ondertussen door en door, en ik weet hoe je in elkaar zit. Ik weet wat je leuk vindt, ik kan voorspellen als je het op een huilen gaat zetten. Ik ken allerlei kleine kantjes, en jij bent steeds meer een tevreden baby omdat ik die kennis schaamteloos misbruik. Knellende mutsen zijn no go. Aankleden is leuker als je rechtzit. Kousen uittrekken zorgt voor minstens een kwartier geëntertainde baby die voeten in mond stopt. Een post-it op tafel kleven staat garant voor een tiental minuten frutselplezier. De truukjes die elke mama wel zal hebben, en die waarschijnlijk bij elke baby anders zijn. Het is zo leuk dat ik de jouwe ken.

Je bent vijf maand vandaag, en er is alweer veel veranderd. Niet alleen zorgen er nu ook andere mensen voor je, je bent ook opvallend socialer geworden. Op kerstdag, bijvoorbeeld, ging je lachend van tante-arm naar nonkel-schoot. Ik zat erbij en keek verbaasd toe. Het hysterisch gillen als iemand anders dan ik een vinger naar je uitsteekt is blijkbaar voorbij. Je bent flink. Mijn flinke kleine met een echte tand.

Tanden zeg. Ik dacht dat je daar nog maanden mee zou wachten, want het lijkt me zoiets voor peuters. De eerste tandloze fase van je leven is echter heus voorbij, en je moet nu nog tachtig jaar wachten tot het weer zover is. Zullen we dan meteen ook maar tot die tijd wachten met op mijn vingers te zuigen? Je tand is scherp, namelijk, en we moeten soms streng zijn. Zeker als er bijtwonden van komen.

On a related note: Je nageltjes houd ik superkort, tegenwoordig. Want ook daar kan je serieuze schade mee toebrengen. Vooral omdat je nu constant overal aan wil krabben. Aan de zetel, aan de lakens van je bed, aan het kussen en vooral: aan mijn gezicht. We hebben precies een jong katjen in huis, en het is eentje dat van geen ophouden wil weten.

Want ja, je bent nog steeds bijzonder hardnekkig. Zo heb je een paar dagen geleden ontdekt dat je brrrrrrt kan doen, daarbij een hele hoop speeksel uitspuwend. En je doet dat nu al een paar dagen van bij het ontwaken tot ’s avonds laat. Ook tijdens het eten van groentenpap. Het is hier nogal lachen de laatste dagen. Lachen, en waskes draaien.

Tot slot nog even dit: je zit net op een grens, merk ik, de laatste week. Je eet nog net niet alles vlot. Je kan nog net niet zelf zitten (één vinger van mij aan je kraagje is genoeg). Je kan nog net niet kruipen. Ik vermoed dus dat de komende maand alweer spannend en overdonderd zal worden. Ik kan nauwelijks wachten, Kleine. Grote. Kleine.

zoen,
je mama

Maand 1Maand 2Maand 3Maand 4





Frivool ofzo.

18 October 2009 over vergeten

Ik heb een talent voor kleine ergernissen, u weet dat ondertussen. Dit weblog heeft er zelfs een speciale rubriek voor. Het is des mensen, troost ik mezelf, als ik me weer eens zit op te fokken over een onbenulligheid.

Zoals. Sinds de restyling van het De Morgen Magazine, dat al jaren een vast ingrediënt is van het weekendontbijt hier ten huize, schreeuwt mijn hoofd op zowat elke bladzijde keihard: WAAROM IN GODSNAAM. En ik kan al niet tegen lawaai, zo vroeg ’s morgens.

Het zit zo. In magazines en tijdschriften is het behoorlijk courant dat een artikel start met een kapitaal, u weet wel: zo’n letter die groot wordt gedrukt over verschillende regelhoogtes. Ik vind dat proper en als het in een mooi lettertype is, dan maakt het een tekst aantrekkelijker. Het hoeft niet, maar als het er is stoort het geenszins. Wat wel stoort is dat ze bij DMM nu hetzelfde doen met de laatste letter van een artikel. Het spijt me: dat is gewoon onnozel. Niet alleen komt het de leesbaarheid niet ten goede, het ziet er ook niet uit. En het is verwarrend voor mensen die nog niet goed wakker zijn. Waarschijnlijk heeft één of andere graficus op een te lange avond na te veel glazen goedkope wijn de hoofdredacteur kunnen overtuigen dat die kapitaal op het einde een fijne vondst is, en de frivoliteit ten goede komt. En dat het origineel is en geen extra geld kost (aja, want ook het magazine moet besparen, zo leren wij uit de vele publireportages tegenwoordig). Vervloekt, goedkope wijn, want daardoor ben ik nu elke zaterdagochtend helegans opgedraaid van de ergernis.

En jaaaaaa, ik word soms moe van mijn eigen.





Newsletter – maand 1.

7 September 2009 over letters, vergeten (tags: ) —

*Aren’t we all inspired by Dooce sometimes?*

Lieve Mira

Ik tik dit met één hand, want mijn andere zit aan een arm die in gebruik is. Door jou, om precies te zijn, want je hebt besloten dat die de ideale locatie is voor een tukje. Aangezien je vandaag niet de vrolijke baby bent die je gewoonlijk placht te zijn, laat ik je even liggen en loop liever niet het risico je wakker te maken door je te verplaatsen.
Neen, je bent niet vrolijk vandaag, maar we veronderstellen dat dat komt door het grote feest van gisteren: 160 mensen die je komen bewonderen en koechiekoechie boven je hoofd doen, het zal misschien wat veel geweest zijn voor een meisje van een maand.

Jawel! Een maand! Vandaag precies een maand geleden kreeg ik jou boven mijn gezicht gezwaaid, vers uit mijn buik gesneden. Ik kon je niet vastnemen, want mijn handen waren aan de operatietafel gebonden. Een gemis dat ik echter sindsdien ruimschoots heb goedgemaakt. Soms, als je ligt te slapen, moet ik al mijn wilskracht gebruiken om je met rust te laten en niet een beetje aan je voeten of handen te komen futselen.

Het is me nogal een maand geweest, lieve Mira. De eerste helft heb ik voornamelijk al jankend doorgebracht, met hormonen die me tot wanhoop dreven. Als jij je keel openzette (want dat doen baby’s van jouw leeftijd nu eenmaal), was de normale procedure die eerste weken dat ik gewoon een potje meehuilde.Van vermoeidheid, van onverwerkte emoties of gewoon zomaar.
Nu nog kan ik er niet tegen als je pijn hebt: vorige week lag je naast me te slapen in de zetel en je had duidelijk krampen in je buik. Dat kunnen we namelijk zien aan de pijnlijke gezichten die je maakt en het strekken van je rug en benen. Je sliep door de krampjes heen, gelukkig, maar mijn hart brak toen ik je ongemak zag en dus heb ik maar in jouw plaats een beetje gehuild. Omdat ik niets kon doen om te helpen.
Deze ochtend ook: plots trok je een pruillip — die heb je pas ontdekt –, zette een keel open en je ogen vulden zich met tranen. Je allereerste tranen, kind, dat is alweer een stap naar volwassenheid en functionerende traankanalen. En een aanleiding voor een volgeschoten moedergemoed.

Je allereerste tranen zijn natuurlijk niet de enige mijlpaal: zo lach je sinds vorige week geregeld naar ons. Soms zelfs met een glimlach die je hele gezicht laat oplichten. Wij smelten dan natuurlijk. En roepen hysterisch naar elkaar van moetkeerkomenkijkenmaat (dat is gents voor zie nu toch eens). Die lachjes maken alles wat lastig is aan kleine baby’s weer goed, maar zullen we afspreken dat we die glimlach niet meer doen in het holst van de nacht? En hem niet laten volgen door je we-gaan-spelen-gekraai op dat ongoddelijk uur? Dat zou fijn zijn.
Je vader en ik waren eerder deze week ook onder de indruk dat je nu ook speelgoedjes die boven je hoofd worden gehouden kunt volgen met je ogen. We hadden je bijna ingeschreven in de kangoeroeklas, maar dat is misschien wat voorbarig.

Je vader, dat is die man met de prikkende baard die gezwind en zonder morren overneemt als ik niet meer kan. En die de slappe lach krijgt als je nog maar eens probeert of je met je uitwerpselen tot aan je nek kunt geraken als je maar genoeg in één keer kakt.

Het antwoord is ja, trouwens.

Je papa blijkt ook heel goed in je rustig krijgen als je over je toeren gaat (Hij heeft natuurlijk al vijf jaar op mij geoefend, en jij en ik: we hebbben dezelfde genen). Verder denk ik dat hij veel van zichzelf herkent, want ik kan het nu al met zekerheid zeggen: je karakter lijkt als twee druppels op dat van hem. Dat maakt het nog gemakkelijker om je graag te zien natuurlijk, en ik heb het vooruitzicht dat ik je binnen een paar maand gewoon voor de televisie kan neerplanten als ik eens een uur of zes voor mezelf nodig heb.
Maar alleszins: hij zorgt goed voor ons, en ge moogt dat niet vergeten. Ook niet als hij binnen zestien jaar de jongens aan onze voordeur wegstuurt en u zegt dat ge een ander kleedsken moet aandoen en die schmink van uw gezicht moet vegen voor ge buitengaat.

De voorbije maand is een beetje ingrijpend geweest voor ons allemaal, en het valt me op dat de vierde week zoveel leuker was dan de eerste. En dat elke dag een beetje plezanter is, omdat we jou steeds meer leren kennen. Ik kan nauwelijks wachten om aan maand twee te beginnen.

dikke zoenen

je mama.





En Azo.

6 September 2009 over leven, vergeten (tags: ) —

En azo werd onze Mira vier weken en begon ze opeens dingen te volgen als je ze voor haar gezichtje beweegt. En kreeg ze haar allereerste feest, waarop het superdruk was en we de mooiste cadeautjes van de wereld kregen. En waar we vooral alweer onze pollekes hebben gekust omdat we zoveel fijne vrienden en familie hebben, die allemaal met zoveel goesting komen meefeesten met ons. Het was bijzonder goed voor ons hart, peoples.
De baby heeft zich trouwens de hele dag voorbeeldig gedragen. En in de voormiddag was er een bepaald moment dat ik de meute spelende kinders overschouwde (boy, ons maten hebben echt ferm gekweekt de laatste jaren) en heel erg uitkeek naar babyfeesten ergens volgende zomer en binnen twee zomers, als de onze ook al kan meespelen en al.

En azo vonden wij trouwens ook vermoedelijk de juiste speentjes voor de fles van Mira, wat het eten voor het eerst in vier weken geen worsteling van een uur maakte, maar een rustig moment van een kwartiertje, gevolgd door een blije baby. Duimt u mee dat deze de goede zijn? Ik vind blije baby’s namelijk cool.

En azo werd het zondagavond half negen en zat ik uitgeput in de zetel terwijl mijn lief Mc Donalds haalde. Ik voorzie voor vanavond enkel nog een zeer harde crash en vroeg naar bed. De rest van het praktische leven mag even wachten tot morgen.

Er is iets heel erg fout met de werkwoordtijden in deze post. Maar laten we dat allemaal maar voor één keer met de mantel der liefde bedekken. Morgen word ik weer consequent in mijn taalfouten, beloofd.





Overstuur.

2 September 2009 over leven, vergeten (tags: ) —

Oh, had ik al verteld van die keer dat ik mijn dochter helegans mismeesterd had? Neen zekers.
Wel, het was afgelopen zaterdag en vriendin A. was jarig. Die gelegenheid werd als excuus gebruikt voor een klein feestje met als ingrediënten: de meest legendarische picnic-tafel van Gent, een paar flessen bubbels, chocoladecake en een paar maten. Buiten in het park dus, en op een avond dat lief optreden was.

Omstreeks acht uur was de baby een contente baby: gevoederd, verversd en wat aan het spartelen in de zetel. Zoals kinderen van net drie weken dat plachten te doen op hun beste momenten, jawel.
Overmoedig als ik ben dacht ik toen dat het een goed idee was om het kind mee te tronen naar het park (op vijf minuten wandelen van ons huis) en even dag te zeggen op het feestje. Boy, was I wrong.

Ik overwoog de draagdoek maar besloot dan toch voor de koets te gaan, wegens een beetje last in mijn rug. Mira een vestje aangedaan, mutsje, dekentje erover en in de wieg. Nog steeds tevreden baby. Wandelen. Nog steeds tevreden baby. Aankomen aan de picnictafel en hopla: spontane huilbui. Geen erg, dacht ik, het gaat wel over. Een beetje gesust, toen het niet overging nog een rondje gewandeld en haar daarna even opgepakt. Geen resultaat. Integendeel: de huilbui werd steeds erger.

En zo was ik een half uur nadat ik de deur achter me had dichtgetrokken met een tevreden dochter terug thuis, deze keer met een uiterst ontevreden dochter, die de hele weg naar huis gekrijst had alsof ze zwaar mishandeld werd. Terwijl er toch alleen sprake was van liggen in de knusse zachte wieg. Ik weet niet wat het precies gedaan heeft: misschien was het te koud. Of te warm. Of te donker en onbekend en met stemmen die ze niet herkende. Of was de geur van de bbq vlakbij er teveel aan: wie zal het zeggen.

Alleszins: de rest van de zaterdagavond heb ik gespendeerd met het huilende kindje troosten, terwijl zij op haar kussen lag en ik bij haar. Ze was kalmer thuis, maar ze keek nogal “ja, ik weet het we zijn thuis en alles is ok nu, maar ik ben overstuur, dus het komt niet direct goed, en het is uw schuld, moedervrouw”. Om elf uur heb ik haar dan eten gegeven en daarna is ze als een blok in slaap gevallen.

Zow. Dat was interessant. Ik kijk al uit naar onze volgende avonduitstap.





Die keer dat ik ging bevallen.

31 August 2009 over leven, vergeten (tags: ) —

Zegt Tom in de commentaren dat ik een paswoord op borstvoedingsposts moet zetten, en vergeet hij zowaar dat ik het nog niet eens over MIJN BEVALLING heb gehad. Mwoehaha. Dat wordt traumatisch, vriendschap. (Blijkbaar is daar wel interesse voor, voor het bevallingsverhaal, want ik krijg verzoekjes Zeg, dingske. Vertel eens van toen ge een kind hebt gekocht, want we hebben er nog niet veel van gehoord, eigenlijk. U vraagt, wij draaien, zo gaat dat hier op kerygma, want we willen natuurlijk weer voor Tom eindigen in december in het NTG. Nog een trauma erbij, hopla.) (Lees meer …)





En puddingskes met speculooskoeken erin.

28 August 2009 over leven, vergeten (tags: ) —

Ik heb een vaas meegenomen, en een tafelkleedje. Twee foto’s die pepe ooit nam van mijn mama. En op de valreep ook zijn pet. Er staat een doos fotogrief met mijn naam erop, en het bureautje komt naar ons thuis.

Dit weekend is ze verhuisd naar het appartement naast mijn ouders. Het huis werd te groot voor haar alleen, en dichtbij is aangenamer voor iedereen. Het is een mooi, praktisch en niet te ruim appartement, vol oude vertrouwde meubels en foto’s.

Zo gaat dat: eerst woont ge klein, dan in een groot gezinshuis en daarna weer in een kleiner appartement.

Er komen nog wat mensen spullen afhalen voor de vierde-wereldwerking en binnen twee weken komt de container. Dan is het grote huis definitief leeg. In plaats van mijn grootouders komt er nu een meneer wonen met zijn twee kinderen.

Dat doet een beetje raar, toch. Zo in het huis waar wij kindjes zijn geweest en na school boterhammen met lichtbruine suiker aten. Ondertussen hebben we zelf kindjes. En zijn we allemaal verhuisd van kleine appartementen naar grote huizen.

Morgen eens lichtbruin suiker kopen in den Delhaize. Ik heb precies goesting achter een boterham.





Van the next level.

17 August 2009 over leven, vergeten (tags: ) —

Het kindje stelt het goed, dank u. De mevrouw van Kind en Gezin kwam op bezoek, en ze zit boven haar geboortegewicht — Mira, niet de mevrouw van Kind en Gezin. Allez, die zit ook boven haar geboortegewicht, maar het zou belachelijk zijn daar over te schrijven.
Aniehoew. Ik was zowaar trots op mijn dochter omdat ze zo goed verdikt. Ondertussen ploeteren wij wat verder, een stapje tegelijk. En heb ik af en toe tijd om iets te schrijven. Of over te tikken, zoals volgend stukje, ergens tijdens mijn verblijf in de babyfabriek in mijn Moleskine gekribbeld.

Ik ben aan mysterie in relaties, ik. Er zijn grenzen aan intimiteit, hoe graag ge elkaar ook ziet. Ik wil niet weten hoe zijn nagels geknipt geraken, ik wil niet in de douche terwijl hij op het toilet zit. Omgekeerd heeft mijn lief geen zaken met alle meisjestoestanden die ik achter een gesloten badkamerdeur uitvoer. Voor zover hij weet ben ik zonder werk altijd zo proper en glad en ruik ik vanzelven naar zachte bodylotion. Om maar te zeggen.

En dan. Dames en heren: een bevalling. Met keizersnede. En een kraamtijd in elkaars gezelschap. Het — hoe zal ik het zeggen — tilt uw relatie naar een ietwat ander niveau. Wie ooit een kind gekregen heeft weet vast wat ik bedoel. Voor al de rest, en zonder te plastisch te worden: als de verpleegster binnenkomt met een kan en een bedpan en de woorden “eens spoelen” gebruikt, terwijl ge daar ligt met uw flubietkousen aan, dan krimpt de vrouw in u ineen, echt waar. Met al dat kloven en stuwen en wondverzorgen: de grenzen van de intimiteit worden uiterst brutaal afgetast hier.

En zo zijn er de laatste dagen honderden momenten geweest. Ge leert dat loslaten, dat is evident, ge kunt niet anders. Maar toch, ik vraag mij dan af waar dat allemaal moet eindigen.

On a brighter note: ik heb opnieuw een taille, een putteke als navel, ik heb maar een keer of vijf gebleit en ik heb tijd gehad om mijn haar te wassen daarnet. Ik ben gewoon kei-aantrekkelijk, alweer.





Volgende Pagina »