Category Archives: zot van

Thuiskomen.

Het was zo’n avond. Ge weet wel: lange werkdag, de hele dag rushen, buitenkomen en de man sms’en dat ik onderweg was, en dat er waarschijnlijk nog kip in de vriezer zat en dat hij die alvast kon ontdooien. Want dat ik zou improviseren, voedselgewijs. Eens thuis bleek er niks te improviseren: alles wat ik in mijn hoofd had zou niet lukken. Geen risottorijst meer. Geen graantjes. Geen noedels. Wel heel veel groenten, want man en kind hadden een uitstap naar de boerderij gedaan. Ik rommelde in de zaken, vond gigantische hoeveelheden boeren- en palmkool. En ik dacht aan Dorien.

Want de laatste twee weken lees ik elke dag in het nieuwe boek van Dorien. Thuiskomen. De titel klopt, op zo veel manieren. Ik kom thuis in het boek, het boek helpt mijn thuiskomen. En ik voel als ik lees hoe Dorien thuiskomt in dit boek.
In Thuiskomen staat een recept met kool dat ik van een post-it had voorzien. Want ik heb vaak kool, en eigenlijk vinden wij dat niet zo overdreven lekker.
Nu wel dus, want wat een fantastische saus is me dat zeg: gaargekookte kool, mixen, olijfolie en kruiden. Een een heerlijk strooisel eroverheen. Italiaans, leerde ik, maar ik was er zelf nooit opgekomen.

Continue reading

Technostress.

De voorbije twee weken waren wij keihard met vakantie, na een najaar waarin we allebei keihard hebben gewerkt. Ik voor De Toekomst Van Ons Onderwijs — allez, ge weet wel, lesgegeven eigenlijk, maar dit klinkt cooler. Ik wou ook Educational Rockstar op mijn visitekaartje laten zette, but it was frowned upon.
Hij voor zijn koterij, maar vooral ook voor een gloednieuwe voorstelling.
Vanavond is de laatste voor de eerste echte. De laatste try-out, want vrijdag en zaterdag is het première.

Deze periode is, ook na al die keren dat ik het al heb meegemaakt, bijzonder spannend. Het is ondertussen ook een tijd die aan elkaar hangt van de tradities. Van organisatie, veel spelen, intensieve schrijfdagen, gegrommel afgewisseld met euforische momenten. Allemaal elke keer opnieuw. De belangrijkste traditie in aanloop van een nieuwe voorstelling deed ik echter vorige maand al: tegen het eind van de aanloopfase ga ik alleen naar een try-out kijken. Ik ga dan in een zaal zitten tussen een publiek dat ik niet ken en check of ze lachen.

Ze lachten.
Luid en veel.
Ik was trots. Ook dat is een traditie.

De teksten zijn geschreven. De liedjes geoefend. De affiche is ontworpen. De site is veranderd. De flyer is gedrukt. De mopjes zijn getest. Het decor is geknutseld. De interviews zijn gegeven.
Dit weekend doet hij première, mijn man. In heimat Eeklo, ook zo’n traditie.

Technostress is klaar. Weet ge wat? Kom anders ook eens kijken!

Speeldata en tickets via Henkrijckaert.be

De muze en het meisje. (this is not a review)

Wat vind ik dat mooi, als mensen onzeker durven zijn en dat durven uitspreken. Wat vind ik dat mooi, als mensen trots durven zijn, en dat durven uitschreeuwen. Wat vind ik dat heerlijk, als je leest wat iemand schrijft, tweet, op facebook zet, in een bericht stuurt en je voelt dat elk woord een evenwicht zoeken is tussen spontaniteit en zorgvuldigheid. Tussen emotie, bedachtzaamheid en zinnelijkheid. Maar vooral van een onbevreesd omarmen van al die elementen.

Ik lees Katrijn graag, al jaren. Ik hoor haar graag spreken, ik praat graag met haar. Omdat ik vaak om haar moet lachen, omdat ze me nog vaker ontroert. Omdat ik dat dramatische kantje aandoenlijk vind, en dat zoeken naar esthetiek in alledaagsheid boeiend om naar te kijken.

Dat ik genoten heb van De Muze en het meisje, de debuutroman van Katrijn Van Bouwel, was dan ook te voorspellen. Omdat ze zelf, de schrijfster, het meisje, van alle bladzijden afspat: gevoelig en barok, hartstochtelijk en met een voorkeur voor grootsheid en drama.

14681110_10154673363533223_1934689800288310264_o

Ik las de eerste 160 pagina’s in één keer. Nam foto’s van zinnen die ik zorgvuldig opsloeg voor later. En toen was het weekend voorbij en ik deed wat ik enkel doe met boeken waar ik echt van geniet: ik legde het opzij voor de volgende keer dat het onverdeeld mijn aandacht kon krijgen. Dat dat even zou duren, leek zelfs passend: in wachten en verlangen kan soms veel schoonheid zitten.
Meer dan een week later las ik de rest in een warm bad op een koude avond. Na de laatste bladzijde stuurde ik Katrijn een bericht, vertelde haar wat ik het mooist vond. En ik zei dat ik morgen zou schrijven op dit blog.

Ook dat is alweer een paar dagen geleden, maar ik weet zeker dat ook zij het wachten eigenlijk niet zo erg vindt.

Ook lezen?

Fier.

Het was een week van trots zijn, hier ten huize. De man stond met zijn koterij in de gazet de dag nadat hij mijn favoriete projectje van deze zomer had getoond en ik moest een beetje glimlachen. Hoe zijn ideeën en projecten toch altijd hun weg vinden.

Dinsdag zag ik een bijzonder fijne lading studenten zwarte hoedjes in de lucht gooien en afstuderen. En woensdagavond mocht ik naar een boekvoorstelling.

14712702_10154658135203223_8104692280049676549_o-1

Want Lien, die heeft een boek geschreven, over het 5:2-dieet waar heel bloggend Vlaanderen tegenwoordig mee bezig is.

Een heel fijne avond. Niet alleen waren er cava en hapjes (aja, het is vasten én feesten natuurlijk) maar ook bijzonder veel mensen die ik graag tegenkom, veel die ik graag zie en veel die ik veel te weinig zie. Baby June werd als een schattig trofeetje van arm naar arm doorgegeven bij de aanwezige vriendinnen, en we lieten allemaal een boek signeren. (via de site van Lien kunt ge er ook eentje laten personaliseren, trouwens)

Ondertussen staat de teller van mijn eigen 5:2 verhaal op “bijzonder tevreden” (neen, ik ga geen kilo’s noemen. Dat is voor later). Ik heb bovendien het blijde vermoeden dat ik er binnen een paar maand ook 10 jaar jonger ga uitzien, gelijk Lien zelve op de foto. Als ge zelf de beste reclame zijt voor uw boek, dan kan het eigenlijk al niet meer stuk.

Roald.

3515201536_38383c6123_b

Eerder deze week zou hij 100 geworden zijn, Roald Dahl, ofte de man die mij als kind zo vaak liet verdrinken in fantastische verhalen. En die sinds een paar maand een spraakmakende come-back maakte in mijn leven en nu een prominente plaats in ons gezin inneemt.

Dat zit zo. Ik was een boekenverslindster als klein meisje, maar de echtgenoot, dat was geen grote lezer. Nu nog niet, trouwens, uitgezonderd alles in het segment graphic novel en wetenschapsboekjes. En occassioneel wat hij van mij krijgt toegestoken op reis met de boodschap Hier. Isgoed. Lees het.

Hij haalt sinds kort zijn jeugdboeken-schade in, echter, want nu de dochter groter wordt hebben we het prentenboekgegeven voor het slapengaan langzaamaan wat vervangen door Echte Boeken. Elke avond leest hij een hoofdstuk voor uit een jeugdboek, en ik mag die boeken kiezen.
Elke avond is het een heerlijk moment: zij trekken naar boven, ik zet de babyfoon luider en luister beneden mee naar de verhalen die ik al meer dan 20 jaar ken.

Het begon met De Heksen. En omdat de GVR-film zou uitkomen op het eind van de zomer, werd het daarna dus De GVR. En toen De Fantastische Meneer Vos. Na het afgelopen weekend was die klaar en sinds deze week ligt Matilda, mijn persoonlijke favoriet, op de nachttafel.

Over Mathilda zei Romina trouwens iets moois op Facebook. Mooi omdat het zo waar is.

“Mocht je mij vragen wat het eerste feministische werk was dat ik las, dan zeg ik zonder aarzelen: “Matilda – Roald Dahl”. Ik was zeven toen en een boek was nog nooit zo schoon. Nu nog kijk ik soms naar de boekenkast en probeer ik een boek te laten vliegen. Het lukt nooit, maar ge weet maar nooit. Later hoop ik mijn dochter hetzelfde mee te geven. Enthousiasme voor wat je wil, als meisje, zelfs al zegt de hele wereld dat dat eigenlijk niet kan. “

Maar dus. Aan tafel, eerder op de avond dat ze aan Matilda zouden beginnen, zei ik “Misschien kies ik voor daarna eens een boek van een andere schrijver? Ronja De Roversdochter ofzo?”

Er werd luid geprotesteerd. Want die twee van mij, die hebben blijkbaar het plan opgevat om Alles Van Roald Dahl te lezen. En dan pas andere boeken.

Een schoner hommage aan de vooravond voor zo’n 100ste verjaardag had ik zelf niet kunnen bedenken.