Month: December 2004

Ja!

Sand is overrated. It’s just tiny, little rocks.

How happy is the blameless Vestal’s lot!
The world forgetting, by the world forgot
Eternal sunshine of the spotless mind!
Each pray’r accepted, and each wish resign’d.

Dit is een mijlpaal: voor het eerst sinds we samen naar de cinema gaan, zijn Loperke en ik het niet eens over een film. Eternal sunshine of the spotless mind is de oorzaak van de twist: volgens mij een absoluut ontroerend, meeslepend en vooral mooi sprookje. Volgens Loperke een goedkoop verhaal dat ronduit onrealistisch is.
Tijdens het cafébezoek dat volgde deed ook de rest van de possie zijn zegje. En ook hier waren de meningen verdeeld: de ene vindt deze film subliem, de andere vindt hem absolute crap. Ik denk dat het verschillend aanvoelen van dit stukje cinema vooral ligt aan een anders aanvoelen van de werkelijkheid. Zelf ben ik niet zo’n fan van de realiteit. De echte wereld vind ik maar hard en saai, en ik trek me dan ook liever terug in mijn zelfgecreëerde realiteit, waar alles uiteindelijk altijd weer goedkomt. Ik merkte gisteren dat mijn vriendjes die Eternal Sunshine mooi vonden, eigenlijk allemaal mensen zijn die ook op deze manier leven. Misschien moet je wel een beetje naïviteit hebben om dit te smaken. Een, ondanks alles, spotless mind.

Neen!

Feest in de stad!

Als je pas in de stad woont, zijn er zo van die dingen die niet meteen duidelijk zijn. Waarom je opeens weggetakeld wordt op de plaats waar je altijd geparkeerd staat, waarom pizza express folders in je bus blijft pompen ondanks de beleefde “geen reclame aub”-sticker en vooral: waar dat gat-met-metalen-plaatje-erover op de stoep voor voordeur wel toe mag dienen.
Echter: brengt tijd, brengt raad en na een poos ken je dus de reden van die stadsmysteries.Als flip en mathilde in de stad zijn, wordt het bisschopplein een VIP-parking en jij bent geen VIP. Pizza express heeft lak aan alle sociale conventies en droppen hun folders waar het hen uitkomt.
Dat van dat gat in de grond werd pas duidelijk rond mijn eerste kerst in Gent: begin december ongeveer komt in dat gat namelijk een paal met kerstversiering. Lelijke kerstversiering nog wel.
Sinds deze week is het weer zover. Praise the Lord: het hele Gentse stadcentrum baadt in een sfeer van kitsch en gluhwein! Straks begint ook de kerstmarkt op Sint-Baafs en dan, lieve mensen, is het feest compleet: ieder weekend van zonsopgang tot ver in de avond “it’s a season to be jolly” uit de boxen en overal vrolijke blozende kinderkens die hun ouders nog een pannenkoek proberen af te troggelen. God, I love Xmas. Zo veel zelfs dat ik tegen 25 december al mijn zelfbeheersing moet aanwenden om de kerstman niet te verplichten zijn bel op te eten, onderwijl zelf sardonisch “hohoho”-brullend.

Niet alles is peis en vree, echter deze tijd van het jaar. Gisteren leek het alsof mijn huis in oorlogsgebied lag: overal politie, geblaf, overvliegende helicopters. Vreemd was dat. Wist ik veel wat er aan de hand was. Vanochtend in de Standaard:

“In de Gentse studentenbuurt is rond middernacht uur de rust weergekeerd na diverse rellen tussen rechtse en linkse activisten. Beide groepen hadden in de loop van de avond een betoging gehouden, op verschillende plaatsen in de stad, en na afloop kwam het tot confrontaties. De massaal aanwezige politie moest diverse malen chargeren en het waterkanon inzetten om de twee kampen te scheiden. Een tiental betogers werd opgepakt. “

En ik die dacht dat er een gevaarlijke gevangene ontsnapt was. Of zoiets.

Neen!

Communicatieve staalreus.

De kranten staan de laatste dagen vol verontrustende berichten over Sidmar, mijn vorige werkgever. De doorlichting van de dienst informatica, waar ik bijna vijf jaar heb gewerkt, is ondertussen achter de rug en de resultaten zijn op z’n zachts gezegd “niet zo positief” voor mijn vroegere collegaatjes. Mensen in vast dienstverband zijn blijkbaar duur, outsourcen is – zoals
zo vaak – de oplossing.

” De bonden vrezen dat dit een eerste stap is naar de uitbesteding van de ondersteunende diensten. Volgens Rudy Van Cronenburg van de socialistische bediendenbond wordt de uitbesteding van de informatica-afdeling de komende dagen op een Europese ondernemingsraad voorgesteld. Dat zou een impact hebben op tweehonderd werknemers bij Sidmar. “ De Standaard – 30 nov 2004

Vrijdag komt er een officiële mededeling voor de werknemers van de dienst en dan zullen ze eindelijk de echte situatie kennen. Dit is een grapje dat nu al maanden aansleept: toen ik daar nog werkte werd er al volop gespeculeerd over de op til zijnde herstructurering.
Ik vind (en het leuke is dat ik nu mijn mening ongegeneerd kan neerschrijven, want ik werk daar toch niet meer. woehoehoe.) dat de hele manier van handelen getuigt van weinig respect voor de werknemers.
Eerst worden ze maanden in onzekerheid gelaten. Dan verschijnen berichten over de reorganisatie in de pers en pas dagen later komt er -eindelijk- een informatieronde voor het personeel.Waarschijnlijk was er in ‘t begin van de week geen vergaderzaal vrij. Daar kunnen zij toch nix aan doen zeker?
Alleszins: shame on you, Sidmar. Voor alweer een contradictie tussen theorie en praktijk. In theorie voert de Gentse staalreus, zoals men in de pers zo graag poetisch refereert naar de grote fabriek, een beleid van openheid, communicatie en respect voor alle werknemers.
In praktijk wordt er eerst maanden geschoven met mensen in hoge posities om te vermijden dat zij slachtoffer worden van het uitbestedingsbeleid, wordt er vervolgens maandenlang onzekerheid gecultiveerd en krijgen de werknemers tenslotte een beslissing door het strot geduwd met de mededeling dat “niemand eronder zal lijden”. Lamenielachen.

Via deze weg: veel succes gewenst aan de ex-collega’s, morgen. En laat jullie niet doen, verdorie.

Van een ander

Mooie dingen voor de mensen.

Gisteren een schrijvende medemens herontdekt die altijd al erg in mijn smaak viel, maar die ik – zoals zoveel dingen – een beetje uit het oog was verloren : Hanif Kureishi.

Kureishi\’s bekendste verwezelijking is waarschijnlijk het script van \”My Beautiful Laundrette”, waarvoor hij in 1985 een Oscarnominatie kreeg. Ook zijn eerste roman, het hilarische \”The Buddha of Suburbia” , is een gevestigde waarde: het stond vroeger zelfs op de literatuurlijst van de 1e kan Germaanse, hier in Gent. Daar heb ik de man ook ontdekt en ik was meteen weg van zijn meeslepende manier van schrijven, en van het harde randje dat zijn verhalen altijd hebben.

Sindien is Kureishi één van die auteurs waar ik altijd even naar zoek in DeSleghte of tweedehandswinkels en zo heb ik ondertussen al een aantal boekjes van hem in mijn bezit.
\”Intimiteit” is met voorsprong de persoonlijke favoriet, wegens de wrange nasmaak die het nalaat in je hoofd. Het is één van die boeken waar je trager van gaat lezen, gewoon omdat je het einde zo lang mogelijk probeert uit te stellen.

Gisterenavond ben ik dan eindelijk begonnen in \”Liefde in Tijden van Weemoed”, een verzameling kortverhalen waarvan het eerste alvast lekker vettig is. Ik tel dan ook de uren af tot ik na het werk weer aan het lezen kan gaan.
Voor wie tijdens het werk wil lezen : klik hier.