En al

En al

Een janet, dat ben ik.

Morgen ga ik naar Pukkelpop. Vrijdag en zaterdag ook, tenandere, dus dat betekent drie dagen weg. Vier, eigenlijk, als u in rekening brengt dat we zaterdag pas laat terug zullen keren en het dus eigenlijk al zondag zal zijn. Vorig jaar is dat ongelooflijk bevallen, Pukkelpop, dus ik wilde dit jaar per sé weer. Vorig jaar twee dagen, dit jaar het hele zwik, zo verkondigde ik stoer in januari. De dochter zou naar zee gaan, van woensdagavond al, en dan zou ik haar zondag ophalen. Ha. Geen problemen hier met dat loslaten, meneer.

Tot een paar weken geleden. Opeens had ik een steen in mijn maag toen ik bedacht dat ik het schaap vier hele nachten niet onder mijn dak zou hebben. De steen werd groter en ik kon er bijna niet van slapen. Ge kent dat wel, zo in het donker in uw bed en hoe de dingen dan altijd zo erg lijken. En onoverkomelijk.

Ik spuugde de steen uit, knabbelde hem tot gruis en zette mijn trots en stoeremoederschap opzij. En vroeg dus een gunst aan mijn ouders. Mijn mama moest een beetje lachen met mij. En er werd een beetje met ogen gerold ook. Maar ik ben ooit ook een meiske van twee geweest, dus ze verstaan dat wel.

En dus slaapt de dochter deze nacht nog thuis, en komen mijn ouders morgen bij het ochtendgloren hun kleinkind ophalen in Gent. Allemaal omdat ik met een steen zat. En omdat een drienachtensteen beduidend makkelijker verteerbaar is dan eentje van vier.

En al

Dat.

Dat ze mag zeggen wat ze wil. Dat ge uw vakantie niet moet volplannen, met uw kinders. Dat gewoon thuis al genoeg is.
Met die van mij niet, qua karakter. En met mijzelf ook niet, dat van die appel en boomsgewijs. Dus, op de dagen dat ik niet naar zee kan: doe mij maar een handvol vrienden en een strand. Alles is eenvoudiger dan.

Day 153 - bellen blazen @DOK

Mira en haar mama

En al

Ritme: weg. And loving it.

Er wordt hier tegenwoordig precies niet zoveel geschreven, met al dat vakantiehouden. We zijn aan onze laatste eindspurt begonnen en dat betekent een propvolle agenda, en ook van die typische vakantiedagen: alles is anders dan verwacht, het kind zit opeens later in haar bed dan normaal, ik vergeet te weekmenuten en kom dan opeens tot conclusie dat er vandaag geen winkels open zijn. Enzovoort, enzoverder…u kent het ongetwijfeld.
De afgelopen week was, achtereenvolgens: bezoek aan de onthaalmoeder-in-ziekteverlof, twee dagen aan zee (strand, bezoekjes aan de vismijn, nog strand), mossels eten met vrienden, een verjaardagsfeestje, een voetbalmatch, een rommelmarkt, een middag in het pierkespark, een etentje met de lekkerste roggevleugels ooit en vanochtend een verweesd zoeken naar een winkel die open is zodat ik een cadeau voor mijn morgen-jarige-lief kon kopen.

En dus heb ik geen tijd om te schrijven. Dat u het weet.

En al

De weigering. Allez een beetje.

Miserie, dat is het. Al mijn mails, van al mijn emailadressen, die komen toe in één mailbox. Dus ook mijn werkmail. En hoewel ik dus nog drie weken verlof heb, zijn er duidelijk al een boel externe partners die aan het werk zijn. Om nog maar te zwijgen van studenten die aan het blokken zijn voor hun tweede zit en dan mailen wat ze nu ook al weer precies moeten kennen. En dus doet mijn mailbox bliep en zie ik dingen die ik eigenlijk nog even niet wil zien. Ik probeer het te negeren, maar de mails staan beschuldigend ongelezen vet te wezen elke keer als ik mijn inbox opendoe. En hoewel ik dus op papier en in principe weiger om in de vakantie te werken, heb ik daarnet toch maar een mailke of vijf beantwoord. Het klonk dringend en al.

Ik denk dat het tijd word om onder ogen te zien: de lange, zonnige, warme zomervakantie is bijna voorbij voor dit jaar. Zucht.

En al moeilijk

Foto.

TMF staat op hier ten huize, of JIM, of iets dergelijks, al slaat u me dood. Hij is een scenario aan het schrijven en mompelde iets over research. Dat TMF opeens op moet, dat kan ik nog verstaan. Maar om de paar minuten staat hij recht van achter zijn laptop en neemt een foto van de televisie. Ik vind dat persoonlijk wat vreemd, ja, maar stel daar geen vragen over. Ik veronderstel dat het voor u allen –net als voor mij — een grote geruststelling is dat het allemaal met ons belastingsgeld is, dat hij dat doet.

Maar waar ik dus aan moest denken. Mijn pepe deed dat ook, foto’s nemen van de televisie. Hij had eens van ons voor een verjaardag een digitale kodak gekregen, want vroeger deed hij veel van fotografie. Hij vond dat wijs, mijn pepe, dat ge met zo’n digitale van alles foto’s mocht nemen, omdat ge die toch niet moest ontwikkelen.
Als hij naar de tour de france keek, dan nam hij soms foto’s van den arrivé. En als wij ‘s avonds op bezoek kwamen, dan toonde hij hoe spannend het was geweest.

Ik mis dat.