En al

En al

Die keer met de pauze.

Woorden vallen u op het hart en de geest gelijk een emmer koud water.

Ik zou sowieso een weekje niet online zijn, want interwebs en een chalet in Wallonië, dat is een beetje als een tang op een varken, niet? Het voelt onnatuurlijk, in een houten huis om WIFI zitten bleiten.

De pauze begon onverwacht al een klein week vroeger: er was heel slecht nieuws, bij dichte vrienden, en ik kon dagenlang niet meer schrijven door de permanente krop in mijn keel. Ik stuurde nog een paar mails, waarin ik opgewekt was, wegens dat als ik toeliet in mijn hoofd wat er in mijn hart zat, dat ik ongetwijfeld zou exploderen. Vrolijke stukjes op mijn blog, dat was echter een brug te ver. Ongepast, terwijl er zoveel verdriet is. En een ander zijn verdriet op het internet gooien: niet mijn plaats in deze, vind ik. Dus logde ik uit en schreef niet meer. Dus pakte ik een tas vol spullen en ging met mijn dierbaren in de sneeuw van Barvaux ploeteren. Dus hield ik mijn dochter en mijn lief stevig vast en dicht bij mij, omdat het opeens heel scherp was, waar de prioriteiten liggen.

Ik ben terug nu, want dat is het afgrijselijkste aan Groot Verdriet: dat de wereld niet stopt, dat levens verder gaan, de dagen voorbijrazen en ge niet anders kunt dan meedraaien. Ondanks wat ge voelt en denkt en hoe groot die steen in uw maag is. Ik heb veel geschreven, de laatste weken. Het meeste zijn uw zaken niet, dat begrijpt u vast wel. Al de rest leest u hier de volgende dagen.

En al

Ho. Ho. Ho.

Het is volledig fout, vind ik, die kerstvakantie zoals ze nu gepland is. Hop, drukke werkweek, en opeens vrijdag en naadloos over in kerstavond en kerstdag. Van familiebedoening naar feest naar etentje en terug, zonder even tijd om op adem te komen voor het feestgedruis begint. En het was gezellig, en het was warm en er was veel liefde, en ik heb heerlijk gegeten, en veel te veel, maar nu is het kerstdag, half negen en ik ben pompaf. Beetje last van de decompressie, vermoed ik, van de afgelopen maanden.

Eigenlijk zou de kerstvakantie drie weken moeten zijn. Zodat de feesten schoon in het midden vallen en we nog tijd hebben om eens op reis te gaan daarna. Naar de zon.

En al

Ge kunt niet anders.

Hulpeloos. Dat is het enige woord dat ik kan bedenken. Ik duwde mijn kind in de armen van haar vader en sloeg mijn eigen armen om onze vriendin heen. Omdat dat het enige is dat ge kunt doen als de tranen prikken langs alle kanten nadat de “hoewist, ca va?” is gevallen.
Omdat ge weet dat de bwoah eigenlijk niet zo goed is en de het gaat eigenlijk het moet wel gaan, we kunnen niet anders.

Soms slaat het leven keihard. En als ge dan mensen die ge graag ziet naar adem ziet happen, wat moet ge dan doen? Behalve uw armen opendoen? Eens op hun rug wrijven? Bemoedigend glimlachen?

Vooral luid vloeken, dat doe ik. Hoewel dat ook niet helpt, natuurlijk.

En al

Ze zijn te kort.

Het komt omdat ze korter zijn, de dagen. Het is daarmee dat ik mijn werk precies niet meer rondkrijg, tegenwoordig. Ik zit maar een week voor met voorbereiden en dat maakt me bloednerveus. Dat wil namelijk zeggen dat als de dochter plots bijvoorbeeld ziek wordt en niet naar de babyfabriek kan, dat mijn hele strakke schema compleet kapoet is en ik last minute moet beginnen voorbereiden en dan heb ik mijn kopietjes niet op tijd en man ik haat het als ik mijn kopietjes niet op tijd zijn.

Maar ik steek het dus op de dagen, die zo kort zijn. Daarmee dat er minder tijd is. En de avonden die opeens rustiger zijn wegens dat het lief al eens wat meer thuis is, dat ook. In plaats van brol in de microgolf te stoppen maak ik dus vaker echt eten. In plaats van te werken terwijl hij optreedt, kijken we naar filmkes, onder een tv-dekentje. Dat is gezellig, maar er wordt niet veel werk verzet natuurlijk.

Ge kunt daar vragen bij stellen, dat is waar: dat ge uw werk niet meer rondkrijgt als ge per etmaal een uur of drie ontspanning neemt, en een uur of zeven slaapt. Of dat allemaal wel verantwoord is, ofzo. Ik zal er eens over nadenken als ik er de energie voor vind.
Enfin. Ik heb het één en ander staan dat dringend eens moet uitgeschreven worden voor dit weblog. Maar het zal voor rustiger dagen zijn. Ondertussen: bij haar is het rustiger, tegenwoordig, dus er is daar veel te lezen.

En al

hallo, uitstelgedrag.

Lange weekends, hoera. Het was zo loom en traag dat ik zelfs niet aan bloggen toekwam. Het is wat.

Mijn Sien kwam op bezoek, samen met haar moeder. Ik kreeg een boek, dat me nu al de rest van het weekend opslorpt en meesleept, en een blauw-wit gehaakte muts. I’m a very stylish buffalo-girl voortaan. Ik ging naar het voetbal en schreef daar nog eens over. We dronken koffie in het coolste koffiehuis van Gent, met warme vrienden en dochters die steeds meer vriendinnen worden, nu die van ons wat ouder wordt. Ik werkte de website af, en er werd gewinkeld, voor winterjassen en nieuwe kleren. We vierden een verjaardag, en ik kookte elke dag. En we deden dutjes, want de dochter heeft half zes als haar nieuwe opstaantijd gekozen. En nu is het 22h en morgen is er les en ik moest dat nog eens bekijken, precies. Maar niet voordat ik eens een blogpost heb geschreven, natuurlijk.

*rolt met haar ogen*