vriendjes

Los Gringos.

Dit weekend hebben mijn favoriete-vriendjes-op-avontuur nog een keer mailsgewijs een teken van leven gegeven. Ze zijn ondertussen al afgezakt tot diep in Patagonië, en verblijven momenteel in Calafate.
Veel mensen vragen me de laatste tijd of ik weet hoe het met hen gaat, dus blijkbaar krijgt nog niet iedereen de mailtjes. Bij deze hou ik die mensen via deze weg op de hoogte. Als je de mailtjes wel krijgt, kan je in hier wel doorklikken op een paar namen en mooie plaatjes zien.
Voor de rest, zij die hen niet kennen, is dit louter een reisverslag. Eentje om bij te watertanden…

j. en m. zijn op 26 januari vertrokken voor een avontuur dat ruim 8 maand zal duren en hen langs Argentinië, Chili, Bolivia, Peru (waar lief en ikzelf hen een drietal weken zullen vergezellen) en Equador zal brengen.

Calafate, dus en de reden van hun verblijf daar is de Perrito Moreno, een mega-grote-gletsjer. De kleine helden plannen hem te bedwingen, één dezer, en volgens de geruchten moet dit echt wel spectaculair zijn.
Momenteel is dat beklimmen en bedwingen echter nog niet aan de orde, want ze schrijven dat ze druk zijn met zichzelf verwennen met alle denkbare luxe van de Westerse wereld: een zacht bed, een goeie douche, een ontbijt op een zonnig terrasje, cocktails, shopping,…
Het is verdiend die verwennerij: ze hebben een saaie busrit en een prachtige maar zware tocht van drie dagen in het gebergte rond Chalten in de benen. Daar in de buurt ligt één van de moeilijkst beklimbare toppen ter wereld, Mount Fitz Roy, die ze – realistisch als ze zijn- links hebben laten liggen. In plaats daarvan wel een ongeloofelijk mooie trek gedaan in het nationaal park waar een heleboel helder blauwe meren, gletsjers en rivieren (waar je uit kan drinken) zijn. We hebben veel geluk gehad met het weer want we konden de hele tijd de toppen zien, iets wat echt uitzonderlijk is: normaal is het daar niet zo’n mooi weer.

De busrit naar Chalten was blijkbaar ook een ervaring op zich : je komt er namelijk via de RUTA 40 , een route aan de grens met Chilli die volledig uit kiezelbaan bestaat en volledig omringt is door Pampa (steppe).Dit wil zeggen: het grote NIETS. Wij zijn op deze route gekomen in Esquel, vandaar hebben we ongeveer 24 uur gereden (gelukkig niet aan een stuk). De ruta is een ervaring op zich maar na een tijdje wordt het wel behoorlijk saai.
Gelukkig zijn we onder weg gestopt voor een bezoek aan Cueva de los Manos, een grot met rotsschilderingen van zo een 9000 jaar oud. De omgeving van deze grotten was adembenemend: een soort van canyon met een rivier en heel veel groen, behoorlijk spectaculair als je zonet uren door de pampa gereden bent. In de canyon zelf was er een soort microklimaat, in de winter wanneer het overal in de omgeving sneeuwt blijft het daar groen. De rotsschilderingen zijn goed bewaard, het zijn voornamelijk handen van de mensen die daar gewoond hebben en guanacos (een soort lama, je ziet ze overal langs de ruta 40).”

Na hun bezoek aan de gletsjer, morgen of overmorgen, steken j en m waarschijnlijk de grens over met Chilli op weg naar het Parque National Torres del Paine: daar proberen ze nog wat te trekken. Of dat lukt is nog afwachten, want blijkbaar is één of andere idiote tourist is er in geslaagd met zijn sigaret de helft van het park plat te branden, en waren sommige stukken vorige week nog steeds gesloten.