Month: November 2015

En al

Angst.

Deze nacht zat ik, zoals iedereen die nog wakker was na elf uur denk ik, in de zetel te volgen wat er er gebeurde, op internet en op tv. Ik voelde met de minuut mijn keel harder dichtgeknepen worden en was de rest van de nacht misselijk. Dat ik het zo moeilijk een plaats kan geven, is denk ik omdat ik weet hoe Jesse vlak voordien zijn kam uit zijn achterzak heeft gehaald om zijn haar goed te leggen.

Ik las het vaak vandaag, weet, voel en knik: er zijn ook aanslagen geweest in Beirut, een paar dagen geleden. Er is Baghdad en er zijn de ontelbare slachtoffers van die vuile oorlog. Natuurlijk ben ik ook daarvoor kwaad en verontwaardigd en natuurlijk is een leven van iemand in Parijs niet meer verdriet en persaandacht waard dan dat van iemand in Syrië. Het zou nogal absurd zijn iets anders te beweren.
Het wordt gezegd en gedeeld en geretweet en ik wil niet nadenken over dat waarschijnlijk onbedoelde vleugje oordeel dat er misschien aan vasthangt en waarvan ik niet weet wat ik ermee moet. Ik zou willen zeggen dat elk van die gebeurtenissen een even grote impact op mij heeft, maar dat blijkt niet waar.

Want het is niet alle dagen zo, dat ik hier zit tussen de scherven van mijn hart en niet weet wat ik daarmee moet. Dat de herkenbaarheid mij zo bang maakt dat ik mezelf constant streng moet toespreken om niet te wenen. Dat ik bijna niet meer kan ademen als ik denk aan hoe wij daar gelukkig liepen te zijn, met het kind tussen ons in, eerder dit jaar.
Dat mijn maag constant ineen krimpt omdat ik in precies zo’n stadion naar precies zo’n wedstrijden en in precies zo’n zalen naar precies zo’n optredens ga en dat dat van het liefste is wat ik doe.

Terrorisme draait om angst. Ik ben al een hele dag bezig met proberen om niet meer zo extreem bang te zijn.

zot van

Reclame. Voor de liefde.

Hij heeft een atelier dat hij soms “mijn kot” noemt, vermoedelijk omdat alle meetjeslandse mannen een kot hebben.
Hij heeft roze oorbeschermers omdat hij soms met luide machines werkt, en een schort, omdat zijn kleren niet te vuil zouden worden.

12184165_10153699596288967_359276001217467774_o

Als ik thuis werk, dan breng ik hem boterhammen in zijn kot, en dan toont hij mij wat hij heeft gemaakt die dag. Momenteel is dat de — zoals hij ze noemt — zaagstop-kast (*), andere keren is het een rek of de salontafel waar ik van droom. Soms is het een zot toestel dat ik nooit helemaal zal begrijpen.

collage

En soms is het een tennisracket die hij heeft omgebouwd tot een elektrische gitaar.

henk_livecomedy

Ik zeg elke keer moh how, zo cool maat en ik ben altijd trots als hij iets maakt, maar ik denk niet dat ik ooit al harder heb moeten grijnzen als die keer dat hij ACDC voor mij speelde op een Rucanor uit de jaren 70. Ik knikte dan ook begrijpend toen hij zei dat hij er een instructable van ging maken, en een filmpje voor op youtube. En ook een zelfbouwpakket met een gezeefdrukte doos.

12183996_10153686214193967_5770191261311988224_o

Dingen maken, hij kan dat goed, mijn man. Ik ben niet de enige die dat vindt, zo blijkt na een paar uur online en al de helft verkocht. Haast u dus, als u er nog één wilt.
Want er is maar één iemand waarvoor hij op bestelling werkt, en gij zijt het niet. Sorry.

(*) zaagstop-kast (v.) – kast die ervoor gaat zorgen dat echtgenote van henk rijckaert gaat stoppen met zagen over te weinig bergruimte in de gang. Schijnt.
(**) de foto met de gele muur is van Lisa Goethals. De rest is van de knutselaar zelve.

En al

Tellen.

Het was ergens rond zeven uur ‘s avonds, en hoewel de zon u overdag zou kunnen misleiden, is het wel degelijk herfst, zo blijkt op dat tijdstip. Het was donker en wat killig buiten op de autostrade. En er was zetelverwarming in mijn rug, ik geef het toe.

“Misschien wandelen ze gewoon?” zei hij stil. Ik hoorde in zijn stem dat hij het zelf niet geloofde.
“Neen, lief, ik ben bang van niet” fluisterde ik, terwijl ik de haartjes op mijn armen probeerde plat te krijgen en slikte in de hoop dat de tranen niet voorbij mijn keel zouden komen.
Ik staarde in de achteruitkijkspiegel naar het groepje mensen dat stapte op de pechstrook naar Calais. Tassen en rugzakken en warme sjaals. Ze werden kleiner terwijl ik voor ons een volgende groep zag verschijnen.

De volgende dagen bleef ik maar mijn zegeningen tellen.

In het zand zitten terwijl de twee liefdes van mijn leven, hij en zij, elkaar achternazitten op een eindeloos strand in de nazomerzon.
Wandelen in stille duinen. Uitkijken over de zee en beseffen dat ge midden in de geschiedenis van een werelddeel staat.
Een houtvuur en een knus vakantiehuis. Verdrinken in een perfect boek.
Kijken naar hen, op de bank in dat vakantiehuis. Hij gitaar spelend, zij tegen hem aanleunend en in een boekje bladerend.
Een dikke trui aantrekken en naar het dorp stappen. Terugkeren met een zak vol geurige croissants en weten dat er koffie zal zijn.
Middagdutjes doen in een groot bed terwijl de zesjarige naast je een dvd kijkt en ondertussen af en toe je haar streelt.

Ik bleef maar tellen.

Genoeg hebben van drukte en werk, je dierbaren in een auto laden en wegvluchten, naar rust en zee en croissants.
Wegvluchten en weten dat ge straks gewoon terug kunt keren.