moeilijk

De zomer.

In de zomer van 2009 was ik hoogzwanger. Ik weet daar niet veel meer van, behalve dat het warm was en ik geen enkels meer had. True story: mijn benen waren overal even breed. Op mijn billen, knieën, kuiten en enkels. Mijn voeten waren twee hompjes donkerroze strak vlees die met wat moeite in een paar teenslippers pasten. Dat deed pijn, en het was warm. Er zijn foto’s (niet gepubliceerd, ik ben niet zot) van mezelf halfnaakt op de keukenvloer, met een kussen onder mijn benen. Op de keukenvloer, want leisteen blijkt heerlijk cool. Enfin. De zomer van 2009 was niet echt genieten, behalve dan van het cadeautje dat wij halverwege na eindeloze weeën uit mijn schoot geworpen gesneden kregen. Maar u weet misschien ook: de eerste weken met een baby, die zijn zo bevreemdend en zo absurd verwarrend dat ik ook van deel 2 van de zomer niet zo veel concreets meer weet. Behalve dat ik heel veel eten aan het geven was. En heel weinig sliep.

In de zomer van 2010 was mijn kindje bijna één jaar. Mijn lief schreef een nieuwe show, en was bezig met opnames van een televisieprogramma. Het was een zomer met behoorlijk wat zorgen, zowel hier als bij dichte vrienden. We gingen een weekje naar Frankrijk, maar voor de rest was het vooral thuis rondhangen. En vooral zij en ik. Dat was best eenzaam bij momenten. En best vermoeiend, zoals alleen éénjarigen vermoeiend kunnen zijn.

De zomer van 2011 was mijn lief er nauwelijks, een week Frankrijk uitgezonderd. In de vroege ochtend vertrok hij, laat ‘s avonds kwam hij thuis. Zij en ik hadden drie heerlijke lange maanden samen, we gingen veel naar zee en we deden alles traag. De zomer van mijn zen, maar ook de zomer waarna ik blij was dat ik weer eens veel mensen zag, zo op mijn werk. Het was rustig, maar ook best eenzaam bij momenten. En best vermoeiend, zoals alleen tweejarigen vermoeiend kunnen zijn.

In de zomer van 2012 nam hij nauwelijks werk aan. Een paar keer gaat hij spelen, een paar keer heeft hij iets overdag, maar voor de rest: vakantie. En dus weet ik voor het eerst wat dat is, die gezinsvakantie waar gulder allemaal zo wild van zijt.

We, dat is zij en hij en ik, dit jaar. We hangen rond in de stad, spelen, rusten, spelen, gaan uit eten, spelen en hebben het heerlijk. De rust van 24 uur per dag iemand naast u, om mee het peutergeweld onder controle te houden, of te bedenken wat er gegeten wordt: luxe. Pure luxe.

Ge moet ze alleen af en toe eens buitenlaten, die twee van mij.

Een rijckaert, dat moet ge van tijd eens uitlaten.